Situatie gewijzigd

‘Raad eens, ik ga binnenkort met mijn man naar Situatie gewijzigd, de nieuwe voorstelling van Theo Maassen’, vertrouwde een goede vriendin, die ik voor het gemak maar even vriendin één noem, mij een paar weken geleden opgetogen toe. We zaten na een wandeling met onze honden aan de thee bij de Molenplaats in park Sonsbeek en daar hebben we soms diepgaande gesprekken, maar soms gaat het ook nergens over, zijn het luchtige niemendalletjes die de revue passeren. Vandaag was zo’n dag vol luchtigheid, zeg maar chit chat.

‘We rijden er helemaal voor naar Limburg, hebben er een hotelletje bij geboekt. Ik vind hem zo aantrekkelijk, dat zeg ik natuurlijk niet tegen mijn man, die zou alleen maar jaloers worden. Maar ik kan niet wachten om de laatste stuiptrekkingen van een witte, heteroseksuele man van middelbare leeftijd van dichtbij te zien. Zagen alle mannen van middelbare leeftijd er maar zo uit’, zwijmelt ze. ‘Volgens mij vind jij hem ook wel een lekker ding Fee, of niet? Jij houdt toch van grote mannen?’

Ja, het klopt. Ik houd van grote, mannelijke mannen. En Theo M is met zijn 1.91 meter groot, hij is absoluut mannelijk en heeft een goed figuur, zeker als je hem met de meeste van zijn leeftijdgenoten vergelijkt, maar verder heeft hij geen woest erotische uitwerking op mij. Dat komt denk ik omdat ik hem een primitief hoofd vind hebben.

‘Hij lijkt in geen enkel opzicht op John Luther’, zeg ik droog en in een poging het gesprek een ander kant op te sturen.

‘En nee, voor ons gesprek in een discussie over culturen en de verschillen daartussen uitmond, verklaar ik heilig dat ik niet speciaal op donkere mannen val. Het gaat om uitstraling, die van Theo M. heeft iets primitiefs, net als zijn hoofd. En, ik weet niet of het waar is, maar een oud-collega van mij is bevriend met zijn vrouw, vriendin of whatever en haat hem omdat hij volgens haar losse handjes heeft en haar geregeld in elkaar beukt. Ik vind het nogal een uitspraak en trek het waarheidsgehalte ervan zwaar in twijfel.’

‘Getver, ik snap niet wat je in hem ziet. Die man ziet er zó goor uit, volgens mij stinkt hij ten diepste uit iedere porie van zijn lange lijf’, voegt vriendin twee eraan toe.

‘Ik vind hem grof, een lompe boer die alles er maar uitbraakt. Weet je nog wat hij tegen Paprika zei?’

Vriendin twee noemt Patricia Paay, om mij nog steeds onbekende redenen, “Paprika”.

‘Onvergeeflijk! Te oud voor Playboy en alleen interessant voor necrofielen. Ik begrijp nog steeds niet dat hij ermee weggekomen is’, zegt ze verongelijkt.

‘Wat ben je toch hardvochtig’, zegt vriendin één. ‘Misschien is het wel een hele gevoelige man.’

Een dag na de voorstelling belt vriendin één mij op.

            ‘Het was geweldig! Ik heb zo gelachen. Hij is echt sexy hoor. En ik heb aan je gedacht Fee, want de show begon met een halfnaakte Theo die als een Neanderthaler op een rots rare oergeluiden aan het maken was.’

            ‘O?’, zeg ik me een halfnaakte Theo op een rots voorstellend.

            ‘Je wist het toch niet? Dat de show zo begint, bedoel ik.’

‘Nee joh, ik had er geen weet van, maar vind het wel grappig. Wat een zelfkennis.’

‘Je had heimelijk toch geen voorkennis?’

‘Nee, hoezo?’, vraag ik argeloos.

‘Het lijkt wel of je voorinformatie had en dát had de situatie pas écht gewijzigd’, grapt ze.

Auteur: Felicita Vos

Felicita Vos schrijft non-fictie, gedichten en werkt op dit moment aan haar derde roman. Zij is geboren in Arnhem, waar ze ook woont en werkt. Haar boeken kenmerken zich door een grote maatschappelijke betrokkenheid en ze schuwt het niet taboe-onderwerpen aan te snijden. Voor Arnhem aan Zee schrijft ze columns over datgene wat haar bezighoudt. Website: www.felicitavos.nl

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *