Nijmegen aan Zee ondersteunen?
Geschreven door Hester Macrander donderdag 13 oktober 2005 20:55
Ik heb meermalen luidkeels mijn beklag gedaan over de overlast veroorzaakt door een harde kern van drugsverslaafden, die in Arnhem aan de rand van het stadscentrum hun opvang hadden. Een betrokken lezer uit Nijmegen repliceerde dan keer op keer dat ik te intolerant was tegenover mijn medemens. De wethouder vond dat ik maar moest verhuizen, want over drugsgebruikers struikelen is normaal in een grote stad.
Het is nu, mede dankzij de inspanningen van deze wethouder, voorbij met de overlast! Het is niet meer dan fair dat ik daar ook luidkeels de loftrompet over afsteek. Kom in Arnhem winkelen, het is hier weer knus! De drugsverslaafden zitten op een boot op de Rijn; u ziet die aan de kade liggen als u over de John Frostbrug de stad binnenrijdt. Van het kijken naar het zwart-witte streeppatroon waarin het geverfd is, word je al high!
Ik ben heel blij dat ik met mijn kinderen niet meer op de route naar school door deze verslaafden heen hoef te laveren, dat er niet meer achter mijn poortje geplast en gepoept wordt en dat de statiegeldflesje bij de achterdeur blijven staan, zodat ik ze zelf weg kan brengen.
Uit het oog, uit het hart? Dat mag niet zo zijn! Beste meneer uit Nijmegen die mij van intolerantie verdacht: het gaat mij uiteindelijk om de humaniteit ten opzichte van mijn gemankeerde medemens. Met een boot alleen zijn we er nog lang niet. Psychisch gehandicapte mensen hebben de rest van hun leven zorg en ondersteuning nodig. Deze mensen, waarvan er onder drugsverslaafden veel zijn, worden veel en veel en veel te veel aan hun akelige lot overgelaten. De relatief kleine groep verslaafden trekt de aandacht omdat ze overlast veroorzaakt, maar de grootste groep psychisch gehandicapten zit thuis of in een inrichting heel eenzaam te wezen. Ik kan het weten, want ik maak dat al mijn hele leven van dichtbij mee.
Eindelijk is de maatschappij rijp voor meer ‘drang en dwang’ in de psychiatrie. Minister Hoogervorst heeft aangekondigd de wet op de BOPZ te willen aanscherpen, zodat mensen die doordraaien eerder tegen hun wil behandeld kunnen worden. Op deze aanpassing van de wet hebben familieleden van patiënten, en ook de patiëntenvereniging zèlf, lang aangedrongen. Het kan veel onnodig leed voorkomen. Maar ook daarmee zijn we er weer nog lang niet!
Het gaat allemaal om wat er vervolgens, na al die crisisopvang, gebeurt. Hoe gaan we deze mensen motiveren hun leven op te pakken, hoe moeten deze mensen wonen, waar gaan ze hun leven mee vullen? Hoe maken we van deze mensen medeburgers met een aangepast, maar volwaardig bestaan? Als we niks doen zullen ze keer op keer opnieuw ontsporen.
De overheid zal moeten accepteren dat er levenslange specialistische begeleiding en zorg nodig is. Zorg die je niet van familieden kan en mag verwachten, alleen al omdat juist de bemoeienis van familie door veel psychisch zieken niet wordt geaccepteerd. Maar wacht niet op de overheid! Allerlei organisaties kunnen iets doen om ervoor te zorgen dat deze mensen ‘erbij’ gaan horen. Passend werk aanbieden, meer begeleid wonen-woningen bouwen, begeleid leer-trajecten aanbieden. In ons privé-leven kunnen we ook wat doen: ons sport- en verenigingsleven voor deze mensen -op aangepaste wijze- open stellen. En als individu kunt u zich aanmelden als maatje. Zoals ik vorige week al zei: de individualisering komt ons toch zo langzamerhand de strot uit?
| < Vorige | Volgende > |
|---|
0 Reacties