Geschreven door Martin Pieterse donderdag 18 september 2008 22:22

Lazy King (Foto, Arnhem aan Zee)
Het zit er bijna op. Luttele uren scheiden ons van het einde van de expositie Sonsbeek 2008 Grandeur. Tijd om de balans op te maken.
Puur boekhoudkundig valt er helemaal niets af te dingen op Grandeur. De betrokkenen in de organisatie en in de plaatselijke politiek kunnen terugblikken op een geslaagde Sonsbeek-tentoonstelling. Er zijn bijna 100.000 bezoekers geteld, er is weinig kapotgemaakt en er zijn nauwelijks wanklanken gehoord. De organisatie heeft duidelijk lessen getrokken uit de problemen met de voorgaande exposities van 1993 en 2001. Toen kon niemand de wijdverspreide kunst vinden, bleef het betalende publiek weg, en zorgde een leger vandalen dagelijks voor de verkeerde krantenkoppen. Dit jaar stonden de beelden geconcentreerd opgesteld in het park, zodat de bezoekers alles in een middag konden bekijken. Door bewaking en hekwerken werden de beelden goed beschermd. En door de voorafgaande processie van de kunstwerken door de binnenstad heeft een groot deel van de Arnhemmers de tentoonstelling bij voorbaat in zijn hart gesloten: een meesterzet van artistiek directeur Anna Tilroe. In die zin is Sonsbeek 2008 Grandeur een echte ‘volkstentoonstelling’ geweest.
Daarom is het niet meer dan rechtvaardig dat er drie publiekslievelingen zijn aangekocht door de gemeente Arnhem: Lazy King van Alain Séchas, De Bakermat van Johan Creten en de Spitting Leaders van Fernando Sánchez Castillo. Dat zijn geen beelden die onzichtbaar worden weggeborgen in het magazijn van het Arnhemse Gemeentemuseum, zoals dat bij eerdere Sonsbeek-tentoonstellingen gebeurde. Nee, dit zijn aankopen voor het publieke domein. Het zijn kunstwerken voor iedereen, die in de Arnhemse stadsparken worden geplaatst.
De ontvangst van Sonsbeek 2008 lijkt in veel opzichten op die van de Sonsbeek-tentoonstelling van 1986, samengesteld door Saskia Bos. Ook toen was iedereen tevreden over de hoge bezoekersaantallen en het geringe aantal wanklanken. Sonsbeek 1986 zorgde voor een stemming als na een fijn dagje aan zee. Iedereen was voldaan en riep luid: ‘hèhè, dat was leuk! Zoiets moeten we vaker doen.’ Dat viel vervolgens vies tegen in 1993 en 2001, toen de Sonsbeek-gedachte even op sterven na dood leek. In die zin heeft Anna Tilroe, zoals ze zelf in een onbewaakt moment zei, met haar Grandeur de Sonsbeek-tentoonstelling voor de toekomst veilig gesteld.
Eind goed, al goed. En toch.
En toch mis ik iets. Net als in 1986 mis ik de confrontatie, de stellingname, het debat, dat eigenlijk bij Sonsbeek hoort. Sonsbeek Buiten de Perken van 1971 was de eerste Sonsbeek-tentoonstelling met een ander karakter dan een vriendelijke opstelling van bronzen beelden in het struweel, wat Sonsbeek voorheen was. De nog jonge Wim Beeren bracht ineens spannende en controversiële kunst naar Arnhem. De daarop volgende kunstinhoudelijke discussie liet de betekenis van Sonsbeek letterlijk over de provinciale grenzen van Arnhem heen spatten.
Sonsbeek 93 van Valerie Smith en Locus/Focus van Jan Hoet zorgden vooral door hun slechte organisatie voor veel ophef, en minder door hun artistieke inhoud. Maar ook de rellerige sfeer rondom deze exposities leidde tot spannende inzichten in de werking van de kunst. Het legde bijvoorbeeld genadeloos de overspannen verwachtingen van de Arnhemse politici bloot, die dolgraag voor een dubbeltje op de eerste rang wilden zitten, om zich daar, ten overstaan van alle andere plaatselijke haantjes, trots op hun culturele borst te kunnen kloppen. Vooral de expositie van 1993 leerde ons bovendien hoe plaatselijke media genadeloos de vermeende volkswoede weten te bespelen, om vervolgens met de vernielzuchtige gevolgen van hun gestook verlekkerd hun kranten vol te plempen. Beide exposities maakten ons duidelijk hoe provinciaal Arnhem eigenlijk is, als het om kunst en cultuur gaat. Hoe kunst en cultuur in Arnhem vooral worden gezien als een pr-stunt voor de stad, die via de plaatselijke VVV kan worden uitgevent. In die zin waren de ‘mislukte’ tentoonstellingen van 1993 en 2001 fantastische eye-openers, die tot op de dag van vandaag stof tot napraten en dicussie leveren.
Dat zal Grandeur niet lukken. Grandeur heeft ons een fijne verzameling mooie kunstwerken gebracht, die door tienduizenden mensen met instemming is bekeken. De politiek en de plaatselijke middenstand zijn tevreden. Zij halen het potloodstompje achter hun oor vandaan en schrijven een batig saldo in hun kasboeken. Allerwegen heerst tevreden geknor. Over luttele uren geven de verantwoordelijke dames en heren elkaar een warme hand en roepen ik koor: ‘hèhè, dat was leuk! Zoiets moeten we vaker doen.’ Vervolgens gaan ze weer over tot de orde van de dag, en kijken zelden meer in het snel vergelende Grandeur-fotoalbum. Business as usual. Op naar de volgende gezellige en vooral probleemloze Sonsbeek-expositie. Jaja, ook Made in Arnhem!
Het gemis aan discours over Sonsbeek 2008 ligt natuurlijk niet alleen aan het risicomijdende gedrag van de organisatoren. Het ligt ook aan de huidige postmoderne kunstopvatting. Tot ver in de twintigste eeuw werd de kunstenaar beschouwd als een visionair, en zijn kunst als een artistieke voorbode van de Nieuwe Tijd. Kunst was belangrijk, omdat het op een brutale manier eerlijk was, en onverbloemd de pijnpunten van onze samenleving blootlegde. Dat was niet altijd fijn, zeker niet voor de bestuurlijke elite. Maar het maatschappelijke belang van beeldende kunst stond zelden ter discussie. Tegenwoordig is kunst vooral een esthetische privéaangelegenheid, die zich afspeelt in de beslotenheid van het boudoir van de kunstliefhebber. Beeldende kunst wacht als een verveelde hoer passief op de vrijer die het met haar wil doen, tegen forse betaling uiteraard. Een gaap wordt met moeite onderdrukt. Kunst met een visie op de mens bestaat nauwelijks meer. Misschien omdat de mens geen visie meer heeft op zichzelf?
| Volgende > |
|---|
Arnhem aan Zee ondersteunen?
zaterdag 20 september 2008
dag martin! kusjes.xxx
donderdag 25 september 2008
In het artikel van Martin vallen me een paar dingen op. Hij typeert de Sonsbeekkunstwerken als kunst van het volk in die zin dat veel Arnhemmers de kunstwerken al bij voorbaat in hun hart gesloten hebben. En hij noemt het bezoekersaantal ongekend hoog. Het gaat om kunst van wereldwijd gerenommeerde kunstenaars Met andere woorden: De Kunst en Het Volk lijken elkaar in het Sonsbeekpark echt te ontmoeten.
Lees verder bij mijn columns...
zaterdag 27 september 2008
Voor mij was het ook grandeurette.
En wat betreft kunst en volk ontmoeten elkaar, tja .
Wat er vervolgens na die ontmoeting gebeurd, een alomme instemming en verdiepte tevredenheid.
Ultieme creativiteit, kiezen uit datgene wat je wordt aangeboden.