Kijk ook op Pinterest

Follow Me on Pinterest

Zoeken

Nieuwsbrief

Abonneer u hier



Vrienden

Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner
Banner

Waarom ik niet in Amsterdam wonen wil

Waarom ik niet in Amsterdam wonen wil

Mensen uit Amsterdam vragen altijd aan me waarom ik in Arnhem woon. Amsterdammers begrijpen dat niet goed. In Amsterdam is toch alles. Het culturele aanbod alleen al. Overweldigend.

Overweldigend is inderdaad het goede woord. Zie ik de Amsterdamse uitagenda dan krijgt onrust mij te pakken. In Paradiso dat ene veelbelovende bandje, op het punt van doorbreken, moet zo snel mogelijk gezien worden, maar in de Melkweg dan, een singer-song-writer van bijzonder kaliber - type oude rot - doet nu eindelijk eens Nederland aan, dat is toch ook niet niks. Geen muziek dan maar, we gaan eens naar de film. Maar naar welke van de 14 bioscopen en filmhuizen? Misschien geen film, dan oh theater, slechts 50 podia om uit te kiezen. Mijn god waar moeten we heen, het keuzeaanbod is overweldigend, het werkt op mijn zenuwen, hoofdpijn komt opzetten, lichte duizelingen ook nog eens, mijn maag raakt van streek, ik ben wel gedwongen die avond thuis te blijven.

Ik noem dit ook wel het Lowlandssyndroom. De hierboven beschreven en immer tezamen optredende symptomen dienden zich voor het eerst aan, nadat ik in 2006 het programmaboekje van Lowlands opende, het popfestival te Dronten waarvan ik kort daarvoor twee kaartjes had gekocht. De elf podia en zestig bands die daar geprogrammeerd waren, stortten zich over mij uit als de golven van de Atlantische oceaan aan de Franse westkust, nabij La Rochelle, waar ik als kind nog eens machteloos op het strand was gekwakt na een overmoedige poging tegen die golven in te zwemmen (ik geloofde toen nog dat ik tot van alles in staat was). De gewaarwording dat als je op Lowlands iets staat te bekijken, met zekerheid gesteld kan worden dat je elders tien andere bands aan het missen bent (volgende dag, in de krant, opsomming van de hoogtepunten, niet een ervan gezien) deden mij weer even machteloos voelen als toen. De hand waarmee ik het programmaboekje vast had begon daarop licht te trillen, het zweet brak uit, hoofdpijn kwam opzetten, daarna benauwdheid, ja, mijn lichaam werd op den duur geteisterd door nietsontziende, slechts met het voortdurend met natte washandjes deppen van het voorhoofd te temperen koortsaanvallen.

Ik was wel gedwongen de kaartjes op Marktplaats te zetten.

Een schimmig figuur bracht een bod uit. Bij de overdracht op Centraal Station Utrecht (ik was inmiddels weer tot reizen in staat, het voortuitzicht niet naar Lowlands te hoeven had mij reeds voor de helft genezen, al was ik nog wat verzwakt, zo diende ik in de trein de zitplaats op te eisen van een studente waarbij ik wel gedwongen was - zij zou dat verhaal over Lowlands wel eens niet kunnen geloven - mijzelf een zeldzame afwijking voor te wenden (astropestrofie aan het linkerbeen).

De schimmige jongen kwam te Utrecht overigens niet opdagen. De twee Lowlandskaarten raakte ik niet meer kwijt. Ik was gedupeerd.

3 Reacties

Feed
  1. Leuk. Een nieuwe columnaanwinst voor AaZ.
  2. Welkom Martijn!
    Fijn dat je meedoet als columnist van Arnhem aan Zee!
  3. Ik kan nog wel meer redenen verzinnen :-)
    Kan hier niet een serie van worden gemaakt?

Plaats een reactie


    • >:o
    • :-[
    • :'(
    • :-(
    • :-D
    • :-*
    • :-)
    • :P
    • :\
    • 8-)
    • ;-)