Geschreven door Kees Crone maandag 28 juni 2010 08:36
Zeker Arnhemmers kunnen niet zonder hun parken Sonsbeek, Zijpendaal en Gulden Bodem. Zodra het zomer is, gaan zij met duizenden tegelijk naar deze - midden in de stad gelegen - stukjes natuur. Er wordt bescheiden geflaneerd, iets gedronken op een terras en verder met volle teugen genoten van de zon. Op zomerse zondagmiddagen is er dikwijls een blaaskapel op de grote vijver en popmuziek op de Ronde Weide.
Zij die van meer rust houden en prijsstellen op iets minder gecultiveerd groen weten Mariëndaal, Boschveld en Lichtenbeek te vinden. Deze drie fraaie, aaneengesloten landgoederen liggen op de heuvelachtige zuidrand van de Arnhemse stuwwal. Zij bevinden zich tussen Arnhem en Oosterbeek en vormen het zuidelijk deel van het landgoederencomplex Mariënborn. Het is een afwisselend landschap bestaande uit graslanden, akkers en bossen met hier en daar een landhuis of boerderij. Ik wandel er graag en zag de strenge winter in milder voorjaar overgaan.
Het Geldersch Landschap plaatste daar ooit op de mooiste plekken zitbanken. Mijn lievelingsstek ligt op het zuiden en kijkt aan de gezichtseinder uit op de Airborne begraafplaats. Achter de bank ligt bos en op de voorgrond strekt zich een groot veld uit. Hier van een zonnetje genieten is weldadig. In de verte trekt een brommende tractor traag zijn sporen in het veld. In de maanden ervoor werd op dit en ander akkerland gier verspreid of mest uitgereden.
Voor een stadsmens gewend aan benzinedampen ruikt dat toch speciaal. Het stinkende goedje dat de bodemvruchtbaarheid moet verbeteren blijft niet te lang liggen. Een stevige trekker met imposante ploeg werkt het kordaat uit het zicht. Na het eggen volgt het zaaien. In de nazomer staat hier de maïs manshoog. Loonwerkers halen het met een hakselaar vóór eind oktober binnen. Voor de koeien; die smullen er in de wintermaanden van.
Gisteren was extra bijzonder. Flink doorstappend kruiste op een meter of twintig, vijfentwintig een jong hert mijn pad. Het verraste hem kennelijk ook. Na mij enkele seconden roerloos te hebben bekeken, huppelde het dier rank verder het bos in. Vandaag zag ik op ongeveer die plek alweer een ree. Of het dezelfde was weet ik niet, maar het inspireert wel. Lanen met majestueuze beuken, wegschietende konijnen en talloze vogels verschaffen deze weinig betreden domeinen een aparte sfeer.
| < Vorige | Volgende > |
|---|
Arnhem aan Zee ondersteunen?
Zomer
dinsdag 29 juni 2010
Zomer
dinsdag 29 juni 2010